
Financiële verantwoording voor zorgaanbieders: complete gids 2026
Jaarverantwoording, productieverantwoording, WNT en Wtza voor zorgaanbieders. Bekijk welke verplichtingen naast elkaar kunnen gelden en hoe u zich voorbereidt.
Lees meer →Een zorgaanbieder heeft zelden maar één financiële deadline. Productieverantwoording, jaarrekening, openbare jaarverantwoording, WNT en Wtza-verplichtingen kunnen naast elkaar lopen en gebruiken vaak dezelfde brongegevens.
BKCHR brengt eerst in kaart welke verplichtingen voor uw organisatie gelden. Daarna richten we administratie en planning zo in dat dezelfde gegevens niet vier keer opnieuw hoeven te worden uitgezocht. Voor onder meer thuiszorg, jeugdhulp, ggz, gehandicaptenzorg en Wmo-ondersteuning.
Aan wie u verantwoording aflegt
Welke voor u gelden, hangt af van uw financieringsstromen, uw omvang en het aantal zorgverleners dat u meetelt.
Dezelfde productie loopt door uw ECD, het berichtenverkeer, de facturatie en de boekhouding. Als die bronnen niet op elkaar aansluiten, wordt iedere verantwoording een apart herstelproject. Daarom kijken we liever gedurende het jaar naar de inrichting dan pas vlak voor de deadline: in het voorjaar de productieverantwoording, de openbare jaarverantwoording zorg, de WNT-verantwoording in de jaarrekening en de Wtza-verplichtingen rond bestuur en intern toezicht. Wij zetten de registratie zo op dat één bron alle verantwoordingen voedt. Doen wij daarnaast uw jaarrekening en administratie, dan werkt alles het jaar rond vanuit diezelfde bron.
Krijgt uw organisatie naast de zorgcontracten ook subsidie? Kijk dan ook bij de subsidieverklaring.
De verplichtingen komen niet tegelijk, maar ze grijpen wel op elkaar in. Dit is het ritme voor de meeste aanbieders:
| Wanneer | Wat | Aan wie |
|---|---|---|
| Januari – februari | Productiecijfers aansluiten op het berichtenverkeer | intern |
| Rond 1 maart | Financiële productieverantwoording Wmo en Jeugdwet | gemeente of inkoopregio |
| Uiterlijk 1 april | Controleverklaring bij die verantwoording | gemeente of inkoopregio |
| Vóór 1 april | Eventueel uitstel jaarverantwoording aanvragen | NZa |
| Voorjaar | Jaarrekening, inclusief de WNT-verantwoording | intern en openbaar |
| Uiterlijk 31 mei | Openbare jaarverantwoording zorg via DigiMV | CIBG |
| Rond 1 juni | Nacalculatie Wlz | zorgkantoor |
De precieze data staan in uw contract en verschillen per regio. Wat niet verschilt, is wat een vroege start oplevert.
"Wie in januari begint heeft een rustig voorjaar, wie in maart begint niet."
Loopt u tegen de deadline van 31 mei aan, dan is uitstel tot 1 oktober mogelijk wanneer uw financieel dienstverlener onvoldoende capaciteit heeft. Dat verzoek moet vóór 1 april bij de NZa liggen, dus ruim vóórdat het probleem zich voordoet.
Omzet en aantallen bepalen welke verplichtingen überhaupt voor u gelden. Wij beginnen daar dan ook mee.
Schrijft de wet een controle voor die alleen een kantoor met een Wta-vergunning mag uitvoeren, dan loopt die via een samenwerkend kantoor met die vergunning. Wij begeleiden het traject en blijven uw aanspreekpunt.
Verschillende Wtza-verplichtingen hangen aan een aantal zorgverleners, en dat aantal wordt anders geteld dan mensen verwachten.
Op die manier komt een organisatie sneller boven een drempel uit dan het personeelsoverzicht suggereert. Reken het na voordat u ervan uitgaat dat u eronder blijft; de drempels en plichten staan in Wtza: meldplicht, vergunning en intern toezicht. Moeten de statuten mee veranderen omdat er een toezichthouder bij komt, dan regelen wij dat via ons juridisch advies.
Uit de kennisbank: uitleg bij de vragen die bij deze dienst horen.

Jaarverantwoording, productieverantwoording, WNT en Wtza voor zorgaanbieders. Bekijk welke verplichtingen naast elkaar kunnen gelden en hoe u zich voorbereidt.
Lees meer →
De jaarverantwoording over boekjaar 2026 moet regulier uiterlijk 31 mei 2027 via DigiMV zijn aangeleverd. Bekijk welke onderdelen nodig zijn.
Lees meer →
Bepaal of uw zorgorganisatie een openbare jaarverantwoording moet indienen. Uitleg over solisten, Wmo, onderaannemers en samenwerkingsverbanden.
Lees meer →Noem uw financieringsstromen, de verantwoordingen die eraan komen en de deadline. Dan bepalen we eerst welke werkzaamheden echt nodig zijn.
Gratis kennismaking · op werkdagen binnen 24 uur antwoord
Dat hangt af van financieringsstromen, rechtsvorm, omvang, contracten en toepasselijke wetgeving. Veelvoorkomend: voor Wmo- en Jeugdwetzorg een productieverantwoording, boven de omzetgrens met controleverklaring; Wlz- en Zvw-zorg via de nacalculatie bij het zorgkantoor. Daarnaast kan de openbare jaarverantwoording zorg gelden, en valt uw instelling onder de WNT, dan hoort de bezoldiging in de jaarrekening. Wij brengen eerst in kaart wat voor uw organisatie geldt.
Dat zijn twee losse vragen met twee losse drempels. De vergunningplicht hangt af van het type zorg dat u levert en van uw omvang. Die reikwijdte is per 2025 uitgebreid, dus ga niet af op informatie van voor die datum. Wij toetsen uw situatie aan de regeling zoals die nu geldt. Voor het intern toezicht is het scherper omlijnd: levert u zorg met verblijf, medisch-specialistische zorg, verpleging, persoonlijke verzorging of begeleiding, dan is een interne toezichthouder verplicht boven de tien zorgverleners. Voor overige eerstelijnszorg ligt die grens op vijftig. Die grens is per 1 juli 2025 verhoogd vanaf vijfentwintig. Een raad van toezicht bestaat uit minimaal drie personen; de Governancecode Zorg beperkt de zittingsduur tot twee keer vier jaar. In de praktijk betekent dit dat een thuiszorgorganisatie met dertig zorgverleners wél een toezichthouder moet hebben, en een huisartsenorganisatie van vergelijkbare omvang niet.
Ja, en dat geldt breder dan de vergunningplicht. Nieuwe zorgaanbieders moeten zich melden vóórdat de zorgverlening begint, ook als er geen vergunning nodig is. Dat geldt voor instellingen én zzp'ers, en voor hoofd- én onderaannemers. Wie zich niet meldt, riskeert een boete van de IGJ. Het is de goedkoopste verplichting van allemaal om op orde te hebben, en de meest vergeten.
Als u op twee opeenvolgende boekjaren aan minstens twee van deze drie criteria voldoet: een balanstotaal van maximaal € 450.000, een netto-omzet van maximaal € 900.000, en gemiddeld minder dan tien werknemers (zzp'ers tellen daarbij niet mee). U kunt dan volstaan met een beperktere vragenlijst, en er wordt minder van uw cijfers openbaar gemaakt. Voor kleine zorgaanbieders die net boven die grens zitten, wordt de volledige winst- en verliesrekening wél openbaar. Dat verrast mensen regelmatig.
Ja, voor zover afgesproken: administratie, salarisverwerking via ons netwerk, jaarrekening en de jaarlijkse verantwoordingen. Het voordeel is dat boekhouding, jaarrekening en verantwoordingen dan vanuit dezelfde inrichting worden opgebouwd.
Een jaarrekening plus jaarverantwoording voor een micro- of kleine zorgaanbieder kost meestal tussen € 2.500 en € 5.000, exclusief btw. Alleen begeleiding bij de DigiMV-aanlevering kost tussen € 1.250 en € 2.500. Een controleverklaring bij de productieverantwoording kost tussen € 3.250 en € 6.000 per verantwoording. De Wlz-nacalculatie prijzen wij op offerte, omdat het model en het aantal zorgkantoren sterk verschillen.